|
Waarom zijn er eigenlijk altijd en overal geuren?
Een duidelijk antwoord voor een duidelijke vraag: omdat geuren nu eenmaal onvermijdelijk zijn. Ze zijn ons hele leven lang bij ons, of we dat nu willen of niet. Nagenoeg elk organisme of object, ongeacht of het nu een plant, een vis, een dier, een mens, de sofa of de televisie is, er worden geurmoleculen afgegeven. Na gelang de het aantal moleculen dat wordt afgegeven, kunnen wij het ruiken of niet. En omdat ons lichaam zo gebouwd is, dat het ons ook moet waarschuwen voor gevaren als bijvoorbeeld bedorven voedsel of vuur, werkt onze neus dag en nacht.
Wat zou er gebeuren als de 21ste-eeuwse mens als bezoeker diverse tijdstippen in de geschiedenis zou binnenstappen? Laten we gewoon eens de proef op de som nemen.
Een kleine reis door de geschiedenis van de geur |
Grote dieren, sterke geuren
In de geschiedenis volgens de schepping staat geschreven “en toen was er licht”, maar misschien zou daar moeten staan “en toen waren er geuren”. Lang voordat de eerste levensvormen aan land kropen, planten allerlei organismen zich voort in het water, waarbij de belangrijkste tastzin reuk was. Exact zoals het ook voor de dinosauriërs gold.

|
|
Voor onze verwende neuzen zou de hedendaagse wildernis een aangenaam oord zijn. Oerwouden met vergane planten en rottende dinosauriërs, geisers waaruit giftige gassen opstijgen en wel mogelijk karkassen van reuzen als de hier naast afgebeelde Brontosaurus – u begrijpt dat de oertijd een voor ons mensen zeer onaangename tijd moet zijn geweest wat betreft geuren. Probeert u zich de geur in te beelden van een vis op het strand of van een dode muis in uw schuur – en vermenigvuldig dat dan keer honderd. |
Pelsmantel ja, Deo nee
Laten we ons in iets meer geciviliseerd gezelschap begeven. De Neanderthaler toont aan zeer creatief te zijn bij het samenstellen van een eigen modecollectie. Wanneer je je echter probeert voor te stellen dat we hem en zijn familie een bezoekje brengen, wat het voor onze neus kritisch. Zeep, shampoo of de Zielonka bodystick waren nog niet voorhanden. En gewoond werd er in holen, waar de geursporen van eerdere “huurders” nog prominent aanwezig waren: van bijvoorbeeld wilde beren. Gelukkig zou er enkele duizenden jaren later al wat meer ontspanning komen: |

|
Zegetocht van badhuizen

De oude Romeinen waren de eersten, die met hun badhuizen en uitgekristalliseerde woonsystemen een maatstaf zetten voor een wat meer hygiënische levensstandaard. In het plaatje boven ziet u een schematische weergave van een badhuis, zoals de Romeinen het voor Christus in Wales hadden gebouwd. In de vroegere hoogculturen hadden geuren reeds een bijzondere plek ingenomen in het alledaagse leven van de mensen. Door het verbranden van geurende substanties geloofden bijvoorbeeld de Grieken door middel van de opstijgende dampen met hun goden te spreken.
De badhuizencultuur hield stand tot in de late middeleeuwen. Helaas vond er gelijktijdig een ontwikkeling plaats die onze neus wat minder zou bevallen.
Het leven in de middeleeuwse steden
Burgers hielden naast hun huizen varkensstallen, afval werd gewoon op straat geworpen en in plaats van toiletten waren er putten, maar geen afvoersysteem – u begrijpt, het stonk er onvoorstelbaar.
En daarmee zijn we er nog niet. Ten tijde van de pest escaleerde de toestand aan het geurfront. De mensen waren er van overtuigd, dat water de poriën openden en daarmee allerlei bacteriën en virussen het lichaam konden binnendringen. Dat betekende in de praktijk het geur-technische pandemonium: wassen werd een taboe. Water werd met “schone” doeken gereinigd en zeep werd “vervangen” door stof. |

|
Ook na het einde van de pestepidemieën verbeterde de situatie zich niet. Zelfs in de kerk vond de geplaagde neus geen rust. In slecht dichtgemaakte en vochtige graven inde kerk vonden welgestelde burgers hun laatste rustplaats. Het resultaat was, dat de stank van ontbinding de atmosfeer in de kerk verpeste.
Le Mief cest moi
Een soort van gerechtigheid was er wel: ook de koningshuizen konden zich niet verbergen voor de onvermijdelijke wasemen. Een officieel bericht over de geuren van alledag van het koninklijke Versailles luidde:
„De onaangename geuren in het park, in de tuinen en zelfs in het paleis zelf zorgen voor misselijkheid. De toegangswegen, het binnenhof, de bijgebouwen en de gangen liggen vol met urine en uitwerpselen; de avenue de Saint Cloud is bedekt met slijk dat zelfs katten dood. De koeien laten hun vlaaien vallen in de gaanderij. De stank maakt ook voor de deur van de koninklijke slaapkamer geen halt. “
En hoe rook het in diezelfde tijd bij de indianen? Of, anders gevraagd:
Was de tent een goed alternatief?

|
|
Wel, tot een bepaalde grens zeker. De tipi’s werden voortreffelijk gelucht. Huisdieren moesten buiten blijven en of er binnen of buiten gekookt werd, konden de noord Amerikaanse inwoners ook zelf beslissen. Maar goed, in de winter werd het vol en benauwd in de tent. Water uit dichtgevroren meren was ook nog maar mondjesmaat beschikbaar. En de gewoonte zich in te smeren met buffelvet, was wellicht ook niet erg aangenaam voor onze hedendaagse neus.
Laten we maar snel weer terugkeren in de tegenwoordige tijd: |
Het beste uit alle tijden...

Tegenwoordig leven we, door moderne verworvenheden, zoals bijvoorbeeld riolering, in goed ingedeelde woningen met stromend water, geurtechnisch comfortabeler dan ooit te voren.
...en onze tegenwoordige geurproblemen
En dat is paradoxaal genoeg, juist de reden, waarom we tegenwoordig zo gevoelig zijn als nooit tevoren voor onaangename geuren. In tegenstelling tot de bewoners van middeleeuwse steden, die zich moesten aanpassen aan de alledaagse geuren van de toentertijd, worden onze neuzen verregaand ontzien. Toch hebben we nog steeds de sterk ontwikkelde geurzin, die ons reeds duizenden jaren waarschuwt voor verdorven eten, wilde dieren en andere gevaren. En daarom nemen we nog steeds de meest verfijnde geuren waar.
Gelukkig is er sinds kort voor het eerst een echte oplossing tegen onaangename geuren: onze Zielonka Geurkiller (Smellkiller) producten. Het allermooiste is: alle Zielonka Geurkillers (Smellkillers) werken zonder chemische toevoegingen en neutraliseren alle geuren volledig, zonder daarbij de geur te hoeven verbloemen met andere geuren. |